fbpx
Pieter Wijtenburg | Career & Burn-out Coaching | Amsterdam
Share the love!
De Mythe van Stress

Hoe lang blijven we stress nog als iets zien wat we ‘hebben’?

Vandaag sla je nog geen krant of nieuwspagina open of er is wel een nieuw bericht over stress. Statistieken, onderzoeken, cijfers of alarmerende nieuwsberichten. Er wordt door een aantal experts zelfs gewaarschuwd voor een ware epidemie die de mensheid zomaar wel eens zou kunnen gaan uitroeien — daar hebben we geen atoombom voor nodig… De oorzaak? Stress.

Maar als stress de nieuwe atoombom is — wat is het dan? Waar loopt bijna iedereen vandaag de dag mee rond? En hoe kan het dat we dit fenomeen als mensheid maar niet onder controle lijken te krijgen?

Nadat ik eind vorig jaar een artikel schreef over burn-out kwam ik tot verrassende conclusies waarbij met name het fenomeen stress bij lange na niet zo waarheidsgetrouw bleek te zijn. Maar om absoluut zeker te zijn, besloot ik nog wat dieper het konijnenhol in te duiken. Hoe kan het dat stress zo’n onaantastbare invloed op ons als mens blijkt te hebben? En dat de meeste mensen niet verder lijken te komen dan stressmanagement?

Ik kwam uit op een verrassende misvatting die we als samenleving gretig aan lijken te willen grijpen.

‘De atoombom van de maatschappij’

“Fokking druk zijn”, “de pan uit stressen” of “gestrest raken door deadlines”. Het zijn bijna normale uitspraken die je vandaag de dag overal om je heen tegenkomt.

Kunnen we dan de conclusie trekken dat het goed met ons gaat? Lekker druk zijn of gestrest… betekent dat niet dat we lekker veel te doen hebben? Dat er veel mogelijkheden zijn en we de mensheid naar een hoger plan aan het tillen zijn?

Wie van een afstandje kijkt naar hoe mensen zich druk kunnen maken om triviale zaken of hoe gestrest sommige mensen door het leven gaan — trekt zijn wenkbrauwen onbegrijpend op. Echter, wanneer het om onszelf gaat en we er middenin zitten, lijken we blind voor een fenomeen wat de mensheid in zijn greep heeft weten te krijgen:

Stress.

De een noemt het een zegen, de ander noemt het een ziekte. Voor de een is het een drive en voor de ander is het de nekslag.

Maar wat heeft ons dan precies in de greep? Is het echt een ziekte? Is het een emotie? Is het een virus? En wat bedoelen we precies als we zeggen dat we ‘gestrest raken’?

Laten we daarvoor de verschillende vormen van stress eens gaan bekijken.

Drie soorten stress

Bijna alle informatie van de ‘experts’ laten je denken dat stress alleen een mentaal/psychologisch fenomeen is. Maar dit is allerminst het geval.

Gedurende zijn gehele carrière is Hans Selye (uitvinder van stress) blijven benadrukken dat de stressor fysiek (kou en hitte), chemisch (bijv ether of formaline) en psychologisch van aard kan zijn.

Let wel: de stressor! Omdat er al vroeg kritiek kwam op het feit dat hij zowel oorzaak als gevolg stress noemde heeft hij de oorzaak stressor genoemd en het gevolg de stress respons.

Over fysieke of chemische stressoren hoor je bijna nooit iemand. 99% van de tijd bedoelen we psychologische stress als we het over stress hebben. En eigenlijk zien we daardoor stress al niet meer voor wat het is.

En dit had ook Hans Selye door; tot het einde van zijn leven klaagde hij dat mensen de term ‘stress’ vrijwel willekeurig gebruikten, met de opmerking dat ‘het moeilijk was om acceptatie te krijgen in de jaren veertig — nu is het bijna een huishoudelijke term’.

Maar hoe kan dat dan? Hoe kan het dat deze theorie van Dr. Selye zo’n huishoudelijke term is geworden, die — zoals waar hij al voor waarschuwde — vrijwel willekeurig wordt gebruikt?

Daarvoor moeten we even een uitstapje maken naar een van zijn collega’s: John Wayne Mason.

De Stress Perceptie

Niet alleen Hans Selye waarschuwde voor fout gebruik van de term. Er was iemand die zelfs op het hele stress fenomeen behoorlijk wat kritiek had. John Wayne Mason was een van de grootste tegenstrijders van Selye’s theorie, met name op psychologische vlak.

Mason vond dat Selye totaal geen rekening hield met de menselijke capaciteiten op gebied van cognitie, perceptie en interpretatie en te kort door de bocht ging door te zeggen: uitdagende levenssituaties als stressor zorgen voor stress.

Waar chemische en fysieke stressoren een directe aanval op het lichaam zijn (bijv door injectie van een stof of blootstelling aan kou), is het bij psychologische stress lastig een vinger op te leggen wat de stressor precies doet, omdat er geen directe aanval op het lichaam is.

Volgens Selye waren perceptie en interpretatie niet ontwikkeld in zijn theorie, omdat ze buiten het domein van de expertise lagen van fysiologen (zoals hijzelf) die de oorspronkelijke theorie hadden bedacht. Daardoor werden psychologische stressoren gegeneraliseerd naar ‘de uitdagingen van het leven’.

Hoe we stress nu gebruiken in onze maatschappij. Een directe oorzaak gevolg tussen een externe factor en ons lichaam, zonder hier enige vorm van perceptie in mee te nemen.

Ja… Je leest het goed. Ik vond het zeer opmerkelijk om te lezen… Juist de kant van stress die wij vandaag veel gebruiken om aan te geven hoe het met ons gaat — namelijk de kant van psychologische stress — is zo lek is als een vergiet, omdat het niet binnen de expertise van de uitvinders lag…

De ontrafeling van psychologische stress

Hoe kan een concept als ‘werkdruk’ ooit een chemische reactie in ons lichaam ontlokken? Dat kan niet. Werkdruk op zichzelf is niks, totdat we er op basis van onze eigen gedachten een betekenis aan geven. De perceptie van werkdruk maakt dit mogelijk. Maar dan nog is de vraag: HOE kan die perceptie een stress response bij ons losmaken?

Als we werkdruk als stressor nemen. En jouw perceptie is dat je ongeveer 5 weken aan werk hebt liggen wat je in 5 dagen moet wegwerken. Daarnaast voel je je niet gesteund door je manager wat maakt dat je denkt dat je het werk alleen moet doen en niet op andere collega’s kan afschuiven. Thuis wil je niet te moeilijk doen, want je ligt met je partner ook nog in de clinch de laatste tijd en je hart luchten is wel het laatste waar er ruimte voor is.

Dan stellen we onszelf ergens de vraag: ‘ben ik in staat om hier mee om te gaan? Kan ik omgaan met wat er in mijn leven speelt?’

Als onze perceptie van de situatie te groot voor ons is dan denken we dat we niet de mogelijkheden hebben om met de situatie om te gaan. En omdat we denken niet om kunnen gaan met de situatie — en pas dan— wordt er een signaal afgegeven aan het lichaam: “HELP! Wij kunnen dit niet aan!!”

En de ‘stress response’ wordt getriggerd.

Door Hans Selye omschreven als een 3 fases van GAS (General Adaptation Syndrome):

  1. Alarm Fase — het lichaam reageert met de fight or flight -reactie en het sympathische zenuwstelsel wordt geactiveerd terwijl de hulpbronnen van het lichaam worden gemobiliseerd om de dreiging of het gevaar het hoofd te bieden;
  2. Weerstandsfase — het lichaam probeert alle stoffen weer terug in balans te brengen, maar als de stressor aanhoudt zal het in een alerte toestand blijven. Je lichaam probeert zich aan te passen aan het leven in een verhoogde alerte toestand;
  3. Uitputtingsfase — het lichaam heeft langzaam alle reserves verbruikt en wordt vatbaar voor ziektes en zal uiteindelijk dood gaan.

Laten we beginnen bij de alarm fase. De stress (reactie) begint met een fight- or flight response. En aangezien we het hebben over psychologische stress, waar doet een fight- or flight response je nog meer aan denken?

Juist. Angst.

De reden dat Selye’s theorie op psychologisch vlak niet overeind blijft, is omdat hij de natuurlijke reactie van angst heeft gelabeld als eenaanpassingsziekte (stress). Terwijl het lichaam niks anders doet dan zorgen dat we kunnen overleven.

Stress — zoals wij het kennen — bestaat helemaal niet.

Ik nodig je uit om onderstaande angstreactie eens naast die van stress te leggen. Maar wellicht komt dit je al bekend genoeg voor:

…leidt tot versterking van het geconditioneerde invoersignaal en activatie van neuronen in de nucleus centralis amygdalae. Vanuit de nucleus centralis amygdalae lopen zenuwen naar de hypothalamus en de hersenstam, en ontstaat de angst met de bijbehorende gedrags- en lichamelijke veranderingen (angstgevoelens, snellere hartslag, snellere ademhaling, afname van bloedtoevoer naar de cortex en naar spijsvertering, scherper maken van de zintuigen etc.)

In de praktijk

De ‘alarm fase’ is een hele normale reactie op gevaar. Dat is ook precies wat ons systeem hoort te doen. Niks mis mee. Maar wij leven in een maatschappij waarin wij een ongezonde relatie hebben met onze emotie(s) en wij niet meer bang willen zijn, terwijl dit nodig is voor overleving.

We zijn niet bang van werkdruk. We zijn bang voor de gevolgen die de werkdruk met zich meeneemt; deadlines niet halen, ontslagen worden, gestrest blijven en burned-out uitvallen, confrontatie met de manager aangaan, falen of achterblijven op de rest.

De angst voor al die situaties. Dat is wat er gebeurt.

En daarom komt het lichaam in de fight- or flightmodus. Er dreigt gevaar en het wil er iets aan doen. Vechten of vluchten. We zijn bang!

Wat doen wij? Niks. En aangezien de dreiging niet vanzelf verdwijnt, gaan we erover piekeren. We gaan ons zorgen maken en twijfelen. En dat is niks anders dan keer op keer de situatie waarvoor we bang zijn in gedachten opnieuw opstarten.

Wij gaan in de weerstand tegen onze eigen emotie, drukken deze naar de achtergrond of negeren/rationaliseren de angst. “Ik hoef hier niet bang voor te zijn” of “ik moet positief blijven.” Maar de perceptie van het gevaar is nog niet geweken — alleen genegeerd. Met een constante alerte toestand als gevolg.

Waarom we in stress geloven

Misschien ken je beroemde TED talk van Kelly McGonigal — How To Make Stress Your Friend. Zij heeft onderzoek gedaan naar de gevolgen van ‘stress. Daaruit bleek: mensen die dachten dat stress slecht voor ze was, kregen ook daadwerkelijk klachten en gingen eerder dood. Waar de mensen die dachten dat het juist goed was voor prestaties geen last hadden van klachten.

Angst zorgt voor een verhoogde hartslag, een vernauwde focus en een verhoogde alertheid door de afgifte van adrenaline en noradrenaline in de bijnieren. Op korte termijn is dit positief, maar als dit aanhoudt dan krijg je slijtage en uitputting van alle betrokken lichamelijke onderdelen (volgens de 3 fases van GAS).

Haar hele TED talk gaat over de perceptie van je eigen emotie: angst.

De mensen in het onderzoek van McGonigal die dachten dat stress goed was, kwamen daardoor nooit voorbij fase 1. Ze gebruikten de alarmfase — de angstreactie van je lichaam op de dreiging — om werk te verrichten en kwamen weer tot rust.

De groep mensen die dachten dat stress niet goed was, werden bang voor hun angst (weerstand) en gingen dus van fase 1 naar fase 2 (‘chronische stress’ = aanhoudend bang zijn).

Angst heeft geen goed imago en er zijn zelfs psychologen die angst een kwaal of ziekte noemen. Hierdoor zijn mensen erin gaan geloven dat een angstvrij leven iets is om na te streven. Stress werd hierin de uitkomst. Ineens zijn we niet meer bang maar gestrest.

Stress gaf ons een ‘way out’ door de lichamelijke reactie van angst af te schuiven op de invloed van een stressor. De oorzakelijkheid van ons eigen gevoel afschuiven op een externe bron. “Ik ben niet bang, maar die situatie is stressvol.” We gaan weg bij onszelf en leggen de lading extern.

En dat lijkt fijner, maar op lange termijn kunnen de gevolgen desastreus zijn. Niet gevolgen van stress, maar de gevolgen van weerstand voor angst.

Aan het einde van haar talk geeft McGonigal de ultieme tip; het opzoeken van sociaal contact en support. Maar wat is het dan aan ‘stress’ dat maakt sociaal contact en support werkt?

Er is één intuïtieve en biologische manier voor de mens om om te gaan met angst, die — voor zover ik weet — werd ontdekt door klinisch psycholoog Robert Maurer.

Drie keer raden…

Support.

Angst als raadgever voor de toekomst

We begonnen het artikel met stress als oorzaak van een epidemie. Een waarschuwing voor de mensheid. Maar het is juist onze manier van omgaan met ons eigen gevoel waardoor we in deze epidemie terecht zijn gekomen.

Zolang de kenners aan stressmanagement blijven doen, vooronderstellen ze het feit dat stress iets anders is dan angst en de oorzakelijkheid daadwerkelijk buiten onszelf kan worden gezocht. Het probleem is dat we daardoor de oplossingen ook buiten onszelf zijn gaan zoeken.

Het aanpassen van externe factoren aan iemands interne capaciteiten is een gebed zonder einde waarmee je de directe oorzaak nooit onder ogen hoeft te komen en de spreekwoordelijke comfortzone blijft krimpen.

Er is een maatschappelijke verschuiving nodig waarmee het normaal wordt om bang te zijn voor dingen waar je je niet comfortabel bij voelt. Je dit vervolgens durft toe te geven en om hulp durft te vragen. Of dit nou gaat om een deadline op je werk, een veel te volle week of het ondergaan van een scheiding of zware financiële problemen.

De illusie dat we zonder angst alles zelf kunnen doen begint af te brokkelen en zolang we dit zelf nog niet onder ogen durven te komen, zullen de mensen met klachten vanwege aanhoudende angst zich op blijven stapelen.

En als je als werkgever of leidinggevende denkt dat daarmee de verantwoordelijkheid bij je werknemer ligt? Kijk eens in de spiegel welk voorbeeld je geeft. Hoe vaak ga je in gesprek met ze over hoe ze zich voelen, waar ze tegenaan lopen, hoe het thuis gaat? En hoe open zijn de leidinggevenden van het bedrijf daar zelf over?

De kans is groot dat in de bedrijven waar dat niet gebeurt, de angst vanaf de ‘hoogste laag’ regeert.

Leave a Comment: